Spoorse correspondentie
Verloopt onze informatie-uitwisseling tegenwoordig voornamelijk langs elektronische weg, ooit was dat natuurlijk anders. Linksom of rechtsom kwam elke boodschap uiteindelijk op papier terecht. De postkamers binnen het bedrijf hadden er een ware dagtaak aan en de prikborden in verblijven genoten een gezonde belangstelling van het personeel. In tegenstelling tot de ontelbare mails die vandaag de dag verzonden worden, werden de vroegere mededelingen op papier keurig gearchiveerd en opgeborgen in mappen in kasten, die op hun beurt weer vele vertrekken vulden. Gedurende lange tijd bleven deze archieven bewaard, totdat men dacht dat de komst van de computer ze overbodig hadden gemaakt. Veel geschreven 'geschiedenis' kwam daarop in vuilcontainers terecht, maar voor sommige stukken gold gelukkig dat ze op de één of andere wijze werden veiliggesteld, om tenslotte in het archief van de 'Feijenoordse meesters' terecht te komen...


(Uit het persoonlijk archief van Onno le Comte): Op 4 november 1959 bracht de 6e afdeling van de Dienst van Personeelszaken de noodzaak tot het beheersen van de kosten onder de aandacht. De inhoud van het schrijven getuigde van een gedetailleerde kennis van zaken. Opvallend is verder dat er een uitgesproken besef bestond omtrent het deugdelijk- en vooral tijdig uitvoeren van onderhoud...

(Uit de collectie van Henk Jonkers): In de NS-wervingsfolder voor aspirant-machinisten van 1964 meende men grondig af te moeten rekenen met het stoomverleden. De genoemde vermogens van krachtvoertuigen wezen nadrukkelijk op het 'moderne' materieel; van DE2400 tot e-loc 1300 (de 4000 paardenkrachten sterke loc 1000 werd opvallend genoeg niet genoemd). Verder sprak men onder meer over een 'welvaartsvast pensioen. Of dit uiteindelijk een mooie lokker was of slechts een dooddoener'', zal in de komende jaren blijken...

Machinisten dienden na het wegleren een wegexamen af te leggen bij de Groepschef Kvtp. Wanneer deze de opgedane kennis als toereikend beschouwde, werd gezamenlijk het wegleertraject afgetekend. De kaart (Model 4070) zoals deze hierboven is afgebeeld, is tot in de huidige eeuw een gangbaar document geweest. Tegenwoordig worden dit soort gegevens elektronisch opgeslagen. Het verdwijnen van de klassieke beveiliging, waarvoor je nu eenmaal meer moest weten van een te berijden baanvak of station, heeft daarnaast de geldigheidsduur (zoals omschreven in het N.B.) opgerekt tot een periode van een jaar. Desondanks blijft altijd de mening van de machinist gelden als maatstaf voor het al dan niet dienst doen op een bepaald traject (met dank aan oud-machinist Henk Jonkers).